Persbericht 6 juni 2013
Jongere generatie moslims wil liever in Nederland worden begraven

Er is een groeiende behoefte aan islamitische begraaffaciliteiten voor soennitische moslims in West-Brabant. Waar de eerste generatie moslim migranten de voorkeur gaf aan een begrafenis in land van herkomst, willen jongere Nederlanders van Turkse en Marokkaanse afkomst liever in Nederland worden begraven mits dit mogelijk is volgens islamitische gebruiken. Forra de Jong concludeert in haar masterthesis die ze schreef in opdracht van de Werkgroep Islamitische Begraafplaatsen (ISBP) Brabant dat, hoewel er in Nederland mogelijkheden voorhanden zijn, vraag en aanbod elkaar niet vinden. Bovendien is verdere institutionalisering van de huidige mogelijkheden nodig.

Moslim migranten van vooral de eerste generatie kiezen voor repatriëring na overlijden om zeker te zijn van een islamitische begrafenis. Ook willen ze zo dichter bij hun familie zijn. Ze hebben zich voor hun uitvaart vaak aangesloten bij een uitvaartfonds dat gericht is op een begrafenis in het land van herkomst. Voor een islamitische begrafenis is een aantal voorschriften van belang: de begrafenis dient plaats te vinden binnen 36 uur na overlijden; het lichaam moet in een lijkwade worden begraven in plaats van een kist en op de rechterzijde gelegd te worden met het gezicht naar Mekka; en de grafrust moet ‘eeuwig’ zijn.

Sinds 1991 is na wetswijzigingen aan een aantal van die voorwaarden tegemoet gekomen. In diverse steden bestaat al de mogelijkheid van begraven op islamitische wijze. Maar per jaar worden nu slechts ongeveer duizend moslims in Nederland begraven. Uit het onderzoek van De Jong blijkt dat 22 procent van de geïnterviewden in West-Brabant toch liever in Nederland begraven wil worden. Zij voelen zich thuis in Nederland en stellen dat het voor de nabestaanden een praktischer oplossing is dan repatriëring. De meeste ondervraagden denken dat de behoefte voor begrafenissen in Nederland dan ook zal toenemen.

Verbetering communicatie vraag en aanbod

Uitvaartfondsen, overheden en moslimorganisaties moeten zich richten op een verbetering van de communicatie en afstemming van vraag en aanbod van islamitische begraaffaciliteiten.

Hoewel de mogelijkheden tot islamitisch begraven dus aanwezig zijn, zijn maar weinig moslims ervan op de hoogte en denkt een meerderheid van 80 procent dat aan de religieuze voorwaarden niet voldaan kan worden in Nederland. De meeste Nederlanders van Turkse en Marokkaanse oorsprong zijn aangesloten bij uitvaartfondsen die verzekeren voor begrafenissen in Turkije en Marokko. De Jong beveelt aan dat de Werkgroep ISBP Brabant in gesprek gaat met uitvaartfondsen over de mogelijkheden met betrekking tot (het vergoeden van) begraven in Nederland. Hiervoor is verdere institutionalisering van islamitisch begraven in Nederland een voorwaarde.

Het onderzoek ‘Islamitisch begraven in West-Brabant – een kwalitatief onderzoek naar de wensen en mogelijkheden’ is uitgevoerd door Forra de Jong, onder supervisie van prof.dr. H. Beck en op verzoek van de Werkgroep ISBP Brabant. Dit onderzoek is uitgevoerd via Kennisklik - Tilburg University. Non-profitorganisaties en het MKB kunnen bij Kennisklik terecht met onderzoeks- en werkopdrachten en met juridische vragen.

 

Noot voor de pers

Voor meer informatie over het onderzoek kunt u contact opnemen met Kennisklik, Iris Sliedrecht, tel. 013-4662819/3636, i.p.sliedrecht@uvt.nl en de Werkgroep Islamitische Begraafplaatsen Brabant – Moussa Aynaou, tel. 06 42789721, isbp.brabant@gmail.com.

 
 
Persvoorlichters → Aan-/afmelden → Experts & expertise → Archief persberichten → Zoeken →